De online schilderijen specialist
Mijn winkelwagen

Uw winkelwagen is leeg

Stromingen / Stijlen

Stromingen / Stijlen door de eeuwen heen

Vroege middeleeuwen

  • Byzantijnze kunst
  • Keltische kunst
  • Karolingische renaissance
  • Ottomaanse kunst

Hoge middeleeuwen

Late middeleeuwen

  • Internationale gotiek (architecttuur)
  • Flamoyante gotiek

Renaissance

Barok

  • Barok
  • Barok-classicisme
  • Allegorisme
  • Pietisme
  • Sektarisme
  • Gesturalisme
  • Emotionalisme
  • Caravaggisme
  • Absolutisme
  • Rococo
  • Academisme
  • Neoclassicisme
  • Regence
  • Italianisanten

19 eeuw

Modernisme

20 eeuw

21 eeuw

-------------------------------------------------------------------------------------

Hoge middeleeuwen

Romaanse kunst -  naar begin van de pagina
De benaming romaanse kunst verwijst naar de kunststroming die tussen ongeveer 800 en 1100 dominant was in West-Europa. De term werd in de negentiende eeuw in eerste instantie aangewend om de architectuur in deze periode te beschrijven maar werd al snel ook toegepast voor andere kunstvormen. In de beeldhouwkunst en in de schilderkunst is de romaanse stijl kenmerkend als overgang tussen de Byzantijnse kunst en de gotiek.

De meest opvallende evolutie, na het Byzantijnse, was wel het verschijnen van een ongekende expressiviteit in de streng gestiliseerde figuren, op de talrijke fresco's in de Catalaanse romaanse kerken. Die expressieve gebarenstijl vinden we in de muurschilderingen van Saint-Savin-sur-Gartempe, in de abdij Prüfening, in Sant'Angelo in Formis bij het Italiaanse Capua en op het Bodensee-eiland Reichenau.

Specifiek romaans verluchte manuscripten zijn oa. de Moralia in Job van de cistenciënzerabdij in Citeaux en het liturgische werk van abt Etienne Harding in dezelfde abdij.

Gotiek -  naar begin van de pagina
De gotiek is de naam voor een laatmiddeleeuwse stijl toegepast in de periode 1140 - 1500 in de beeldende kunsten en de architectuur, die vooral aanwezig is in kerkgebouwen. 

De gotiek wordt gezien als de eerste echt vernieuwende stijl sinds de val van het Romeinse Rijk. De term gotiek heeft geenszins een eenduidige betekenis. Er waren grote regionale verschillen met een duidelijke chronologische ontwikkeling. Ondanks deze verschillen zijn er ook gemeenschappelijke kenmerken. De belangrijkste eigenschappen van de gotiek zijn de drang naar verticaliteit en naar licht. Dat licht werd binnengehaald door hoge vensters en grote roosvensters. Gebouwen werden steeds hoger en daardoor ogenschijnlijk smaller. In de beeldhouwkunst en schilderkunst zien we langgerekte figuren zowel in de uitbeelding van menselijke figuren als in de weergave van vegetatieve decoratie.

De gotiek won het al snel van zijn voorganger, de romaanse architectuur. Profane en religieuze gebouwen werden in deze stijl gebouwd: talrijke belforten en kathedralen groeiden naar de hemel. Gewoonlijk werd Pro Deo gebouwd (ter ere van God); de namen van de architecten en de bouwlieden bleven onbekend.

Renaissance

Vroegrenaissance -  naar begin van de pagina
De vroegrenaissance is een kunsthistorische term die vooral wordt gebruikt met betrekking tot de (schilder)kunst uit het begin van de Italiaanse renaissance.

In 1401 organiseerde het stadsbestuur van Florence een wedstrijd om bronzen deuren voor de doopkapel van de kathedraal te sculpteren. Zeven jonge beeldhouwers schreven zich in. Onder hen bevonden zich Brunelleschi, Donatello en de latere winnaar, Lorenzo Ghiberti. Brunelleschi werd het bekendst als de architect van de koepel van de dom en de kerk van San Lorenzo. Hij creëerde ook een aantal beeldhouwwerken waaronder een levensgroot en heel realistisch kruisbeeld in de Santa Maria Novella. Zijn studie van het perspectief, zo wordt aangenomen, zou later de schilder Masaccio beïnvloeden. Donatello werd bekend als de grootste beeldhouwer uit de vroegrenaissance. Een van zijn meesterwerken is het erotische standbeeld van David (een van de iconen van de Florentijnse republiek) en zijn grote monument voor Gattamelata, het eerste grote bronzen ruiterstandbeeld sinds het Romeinse Keizerrijk.

Hoogrenaissance -  naar begin van de pagina
De naam hoogrenaissance wordt gegeven aan de korte periode van ongeveer 1495 tot 1520 toen de renaissance op haar hoogtepunt was. In die tijd was het pauselijke Rome het centrum van artistieke bedrijvigheid. Opvallende projecten en kunstwerken uit deze tijd waren Bramante's ontwerp voor de nieuwe Sint-Pietersbasiliek in Rome, Leonardo da Vinci's Laatste Avondmaal, Mona Lisa en Dame met de hermelijn, Rafaëls altaarstuk, de Sixtijnse Madonna, Michelangelo's sculpturen David, Mozes en zijn fresco's op het plafond van de Sixtijnse Kapel.

De hoogrenaissance wordt algemeen geacht te zijn ontstaan in de late jaren 1490, toen Leonardo da Vinci zijn Laatste Avondmaal in Milaan schilderde. De schilderijen in het Vaticaan van Michelangelo en Rafaël vormen het eindpunt van de stijl in de schilderkunst. De stijl werd geïntroduceerd in de architectuur door Donato Bramante, die in 1502 het Tempietto bouwde dat met zijn majestueuze verhoudingen een herleving van oude Romeinse architectuur inluidde. Hoogrenaissance beeldhouwkunst, zoals wordt geïllustreerd door Pietà van Michelangelo en zijn David, wordt gekenmerkt door een ideale balans tussen statische compositie en beweging. De serene sfeer en heldere kleuren van Giorgione en Titiaan vertegenwoordigen de hoogrenaissance in Venetië.

Classicisme -  naar begin van de pagina
Classicisme noemt men, in de plastische kunsten, de beweging uit de 17de eeuw, die terugkeert naar de klassieke Griekse en Romeinse voorbeelden. Honderd jaar later zal opnieuw een soortgelijke beweging opkomen. Deze wordt dan het neoclassicisme genoemd. Klassiek als esthetische norm aanvaard, refereert het classicisme aan de Griekse en Romeinse kunst, waarbij rust en stilte beschouwd worden als essentie van het schone.

De thema's zijn meestal moralistisch en heroïsch van aard en ze dragen veelal het gewaad van de antieke geschiedenis en de mythologie. Weinig personen, in grote duidelijke gestes of theatrale poses, dragen het esthetische gehalte. De hele compositie steunt op eenvoudige vormen, waarbij bijkomstigheden genegeerd worden. Dominant zijn het natuurlijke coloriet en de duidelijke contourlijnen.

Idealisme - naar begin van de pagina
Idealisme is een begrip met meerdere, aan elkaar soms zelfs tegenstrijdige betekenissen. Het wordt door de een gebruikt als nauwkeurig afgebakende beschrijvende term in (bijvoorbeeld) de filosofie, terwijl het elders slechts als polemische term gebruikt wordt.

In de filosofie is het terug te voeren tot op Plato die de algemene begrippen (ideeën) als belangrijker en van een hogere orde beschouwt dan de bijzondere of particuliere dingen. Als men de vraag stelt: "Wat is het zijn?", dan is Plato's antwoord (het benadrukken van de werkelijkheid van universalia) kenmerkend voor het idealisme; het andere mogelijke antwoord (het benadrukken van de werkelijkheid van de dingen zelf) is het realisme. Of, om het met andere woorden te zeggen, Plato beschouwt de ideeën of begrippen als realistisch, zijn idealisme is dus in feite een begripsrealisme. Onder die naam staat het dan ook bekend.

Perspectivisme - naar begin van de pagina
Perspectivisme is het idee dat alles vanuit een bepaald perspectief wordt bekeken. Het woord 'perspectief' komt van het Latijnse perspicere: ergens doorheen kijken, iets duidelijk zien of iets doorgronden. In de tegenwoordige filosofie heeft het woord echter een geheel andere connotatie.

Het begrip verwijst, vooral door de invloed van Friedrich Nietzsche, naar het vrijwel volstrekte onvermogen van de mens terug te gaan tot de laatste gronden. Het enige wat voor de mens verschijnt is een veelheid van over elkaar heen vallende en met elkaar in strijd zijnde perspectieven. Nietzsche breekt met de illusie van de 'ware werkelijkheid' en benadrukt dat we de werkelijkheid uitsluitend fragmentarisch kunnen ervaren.

Het begrip is door Leibniz in de filosofie geïntroduceerd. Het perspectivisme leidt tot de vraag of ware kennis van de werkelijkheid überhaupt mogelijk is. Is het mogelijk de werkelijkheid te zien zoals ze is? Met name in de hermeneutiek houdt men zich met deze vraag bezig.

Barok

Barok - naar begin van de pagina
De barok is een Europese stijlperiode, zich uitstrekkende van de 17e eeuw tot in de eerste helft van de 18e eeuw, die zijn oorsprong had in Italië en tot uiting kwam in de architectuur, tuinarchitectuur, schilderkunst, beeldhouwkunst, literatuur en muziek. Het woord barok komt van het Portugese barroco, wat 'onregelmatig gevormde parel' betekent. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen vroeg-, hoog- en laatbarok.

De eigenlijke start van de barok hangt af van streek tot streek, zo bloeide de barok al veel vroeger in Italië (Rome) terwijl in het noorden de Renaissance nog aan het nabloeien was. We kunnen dus zeggen dat in het algemeen de Barok duurde van 1600 tot 1750. De stijl bouwt voort op de Renaissance, maar slaat snel zijn eigen weg in. In de loop van de tijd ontdekken ook veel heersers het effect van de dramatische barok; zo wordt de stijl benut door het Vaticaan en ingeschakeld in de contrareformatie. Door veel pracht en praal te gebruiken in de bouwstijl van de kerken proberen de katholieken, mensen te imponeren en zo terug te krijgen. De Spanjaarden exporteerden deze stijl naar de nieuwe wereld waar hij gretig onthaald werd om mensen te bekeren. Met vondsten daar kleden de Spanjaarden hun kerken aan, een fraai voorbeeld is het Escorial.

In Frankrijk wordt de barok aan het Franse hof gebruikt. Lodewijk XIV maakt dankbaar gebruik van deze stijl, die hij leerde kennen dankzij Kardinaal de Mazarin, om zijn absolutistische ideeën kracht bij te zetten. Hij liet het paleis van Versailles bouwen. De barok werd dus vooral gebruikt om het publiek te imponeren en ze nietig te doen voelen bij het betreden van het kasteel. In Nederland was de Barok vooral de kunst van de burgerij. Veel minder uitbundig dan in Zuid-Europa vanwege het protestantisme.

Rococo - naar begin van de pagina
Rococo is een Europese stijlperiode uit ruwweg 1720-1775. De naam is een samentrekking van het Franse woord rocaille, een asymmetrisch schelpmotief dat men in de 18e eeuw aantreft in met name de toegepaste kunst, en het Italiaanse barocco, dat barok betekent.

Kenmerkend voor het rococo is de genoemde asymmetrie, de nadruk op elegantie en het lieflijke en luchtige karakter. Het kleurgebruik typeert zich door de zachte tinten, met veel gebruik van pastel.

Met betrekking tot de decoratie zet de beweging van de barok zich in het rococo voort, maar ze fragmenteert zich en wordt op kleinere schaal uitgedrukt. Monumentaliteit wordt vervangen door lossere vormen, vrolijkheid en frivoliteit; de onderwerpen worden minder ernstig. Dit valt samen met het minder streng worden van de sociale en morele codes in de samenleving.

19 eeuw

Impressionisme - naar begin van de pagina

Het impressionisme is een 19e-eeuwse stroming in de moderne beeldende kunst. De stroming vond haar oorsprong in Frankrijk. Het was een vernieuwingsbeweging, niet alleen als revolterende stroming tegenover het toen algemeen aanvaarde en officieel erkende academisch classicisme, maar ook als totaal nieuwe stijltechnische conceptie. Ook in de klassieke muziek werkte deze stroming door, evenals in de literatuur.

Wat betreft inhoud en techniek was het impressionisme dus een reactiebeweging tegen de heersende conservatief-classicistische opvattingen van de salonjury's. De bedoeling bij de jongeren was het onmiddellijke beeld weer te geven van het direct geziene en op dat moment precies. Er was dus geen sprake meer van de fijn afgelijnde tekening van de voorwerpen. Zelfs bij de onderwerpkeuze richtte men zich op het alledaagse leven, ver weg van elke allegorie of enig nationalistisch triomfalisme.

Vooral de kleurenverdeling, of de menging ervan, werd totaal anders aangepakt. De elementaire kleuren werden in los naast elkaar geplaatste toetsen op doek gebracht, zodat ze op afstand de gewenste kleurvariaties vormden en aldus subtielere nuancering toelieten.

Belangrijk was hierbij niet meer de stoffelijke preciesheid van de vormen in de natuur, dan wel de kleurrijke oplossing die zon, licht en lucht als indruk weergeven.

Door de uitvinding van de verftube door Geoffrey Rand in 1836 kregen schilders de kans om direct buiten te werken. Al in 1838 waren er drie Engelse firma's die verf in tubes op de markt brachten. Vóór die tijd werd de verf in dierlijke blazen meegenomen, maar die laten zuurstof door en de verf hardt uit. De kleurenleer van Chevreuil is dan al bekend.

Kenmerken:

  1. Schilderijen uit het impressionisme geven een korte indruk of een momentopname weer.
  2. Door de vlotte verftoetsen die ruw en dik op het doek staan, lijkt het werk snel gemaakt.
  3. Onderwerpen hebben geen probleemstelling of boodschap.

Materialisme - naar begin van de pagina
Materialisme is de filosofie die de werkelijkheid, ook emoties en andere processen in het menselijk brein, uiteindelijk herleidt tot materie, dit in tegenstelling tot het idealisme of het spiritualisme. Het 'zijn' brengt uiteindelijk het 'denken' voort. Bij kentheoretisch materialisme worden de objecten vanuit wetenschappelijk perspectief gereduceerd tot materie, zonder dat de filosofische uitspraak wordt gedaan dat deze objecten niets anders zijn dan materie.

Postimpressionisme - naar begin van de pagina
De term postimpressionisme is een benaming voor een schilderstijl in Frankrijk. In andere landen, zoals België, Nederland, Duitsland en Scandinavië, spreekt men eerder van neo-impressionisme. Beiden zijn voortgesproten uit het impressionisme.

Al dekken beide termen ongeveer dezelfde lading, toch kan men postimpressionisme (beter) interpreteren als verzamelnaam voor enkele NA-impressionistische bewegingen, na deze van 1874-1886, in Frankrijk. Terwijl het in België, Nederland, Duitsland en de Scandinavische gebieden met de neo-impressionistische sympathieën eerder gaat over LAAT-impressionisme.

Postimpressionisme werd bedacht door de Britse criticus Roger Fry als titel voor zijn expositie in Londen, in 1910, met werken van Paul Cézanne, Paul Gauguin, Vincent van Gogh, Georges Seurat en Paul Signac. Vooral de periode tussen 1880 en 1890.

Realisme - naar begin van de pagina
Het realisme was een stroming in de 19e-eeuwse beeldende kunst en literatuur, waarin gestreefd werd naar het weergeven van de (maatschappelijke) werkelijkheid. De stroming was vooral sterk in Frankrijk rond het midden van de eeuw en wordt gezien als reactie op de Romantiek.

Symbolysme - naar begin van de pagina
Het symbolisme was een uit Frankrijk afkomstige stroming in de beeldende kunst en de literatuur die in het fin de siècle furore maakte. De stroming kwam omstreeks 1880 op als een reactie op het impressionisme en ook op het sociaal-economisch realisme.

Het was Jean Moréas, die in 1886 zijn Symbolisch Manifest liet verschijnen in de Parijse Figaro (waarin hij Charles Baudelaire aanwijst als grote voorvader van de beweging) en aldus een naam gaf aan de artistieke beweging die al enkele jaren aan het ontluiken was.

Het kwam erop aan het kunstwerk een subjectieve zeggingskracht te geven rond de menselijke figuur, in een raadselachtig-magische samenhang van erotiek en dood. Soms werd de vrouw voorgesteld als de pure belichaming van zinnelijkheid en seksualiteit. Mythologische en historische voorstellingen werden gebruikt bij een fantastische sfeerschepping.

Modernisme

Abstract-impressionisme - naar begin van de pagina
Het abstract expressionisme was een Amerikaanse moderne schilderstroming binnen de abstracte kunst van de 20e eeuw. De stroming domineerde de kunstwereld in de jaren 1946 tot 1960. Het was de eerste grote kunststroming na de Tweede Wereldoorlog en de eerste die de Verenigde Staten, specifiek New York City, als bakermat had.

De Nederlandse CoBrA-kunst en de Informele schilderkunst zijn verwant aan het abstract expressionisme.

Cobra
Cobra
is een Europese kunststroming binnen de moderne kunst uit eind jaren veertig van de twintigste eeuw.
Cobra ontstond op 8 november 1948 te Parijs onder impuls van de Belgische schrijvers/kunstschilders Christian Dotremont en Joseph Noiret en was een nieuwe internationale vereniging van kunstschilders en literatoren. De naam "Cobra" heeft betrekking op de drie hoofdsteden van de landen waaruit de oprichters vandaan kwamen: Copenhagen - Brussel - Amsterdam Later werd door het Cobra Museum de naam Cobra geschreven als CoBrA, in het aan het begin van de 21e eeuw populaire CamelCase.

Ingevolge de zware ziektes van zowel Jorn als Dotremont kwam er reeds in 1951 een eind aan deze kunstzinnige vereniging. Niet enkel door de ziektes, ook doordat deze kunstvorm algemeen werd aanvaard en zo de bedoeling van deze groepering teniet werd gemaakt. Toch had in Kopenhagen Asger Jorn al Else Alfelt, Ejler Bille, Egill Jacobsen, Henry Heerup, Carl-Henning Pedersen en de schrijver Jørgen Nash onder Cobra samengebracht.
De revue "Hellhesten" had die kunstenaars reeds gegroepeerd tijdens de oorlogsjaren. Ook de schilders Erik Ortvad en Mogens Balle met de schrijver Uffe Harder kwamen zich bij Cobra aansluiten.

De mensen van Cobra keerden zich vooral tegen elk esthetiserend academisme dat te zeer het intellectualisme benadrukte. Vandaar het voor de hand liggende tegengestelde: vorm, lijn en kleur zijn de weergave van een puur spontane actie waarbij ze niet aarzelden terug te grijpen op de zogenoemde primitieve kunst, kindertekeningen en wat tegenwoordig outsider art wordt genoemd. In deze drie kunstuitingen zagen zij een overeenkomstige spontaniteit vanuit het naïeve karakter, naïef in de zin van ongeschoold, onwetend. De nauwelijks voorbije oorlog had daarbij, bij de meesten, een marxistisch bewustzijn teweeggebracht.

Expressionisme - naar begin van de pagina
Het expressionisme (van Latijn: expressio, uitdrukking) is een stroming in de Europese kunst en de literatuur van de 20e eeuw, die zich vooral manifesteerde in de jaren 1905 tot 1940. In het expressionisme tracht de kunstenaar zijn gevoelens, zijn ervaringen, voor de waarnemer uit te drukken door een zekere vervorming van de werkelijkheid.

Belangrijk is daarbij vooral dat de gevoelswaarde, het onderbewuste, dat de kunstenaar ervaart naar aanleiding van het onderwerp, de boventoon voert. Dit in tegenstelling tot het impressionisme waarbij vooral het uiten van de werkelijkheid, zoals men die ervaart, voorop staat. Zo vervaagt in het expressionisme de band met de werkelijkheid vaak, soms valt die zelfs helemaal weg. Hierdoor krijgen onvoorstelbaar nieuwe vormen hun kans. Het expressionisme kent maar één wet: dat er geen wetten zijn, en dat die dan ook niet mogen opgelegd worden.

In latere tijden is het een verzamelnaam voor schilderijen die aan die criteria voldoen, onafhankelijk van de stroming. Expressionisme als stijl is vooral bekend in de schilderkunst, maar komt ook in de muziek, literatuur, architectuur, toneel en in de film als stijl voor. Het abstract expressionisme behoort ook tot het expressionisme.

Kubisme - naar begin van de pagina
Kubisme is een stroming binnen de moderne kunst van het begin van de 20e eeuw. Het is een van de vier grote schilderstijlen (naast het dadaïsme, het expressionisme en de abstracte kunst), die de Europese schilderkunst van de 20e eeuw een nieuw belang gaven. Het kubisme vierde zijn hoogtijdagen als avant-gardekunststroming in de periode van 1906 tot ca. 1920.

Moderne kunst - naar begin van de pagina
Moderne kunst is de term die algemeen gebruikt wordt voor de avant-gardistische artistieke uitingen vanaf het begin van de 20e eeuw tot ongeveer de jaren '60. Belangrijke stromingen binnen de moderne kunst waren Kubisme, Futurisme, Dada en Surrealisme. Een algemeen kenmerk van de moderne kunst is de drang om te experimenteren en het scheppen van een grotere afstand tussen het kunstwerk en de werkelijkheid, bijvoorbeeld door een verregaande abstractie of de nadruk op het kunstwerk als idee.

De kunst die sinds de jaren '60 gemaakt wordt, wordt meestal aangeduid met hedendaagse kunst. Kunst van jonge, veelbelovende of nog niet gevestigde kunstenaars noemt men actuele kunst. In diverse musea over de hele wereld wordt de moderne schilderkunst en beeldhouwkunst tentoongesteld.

Abstracte kunst is een richting binnen de moderne kunst waarin niet wordt geprobeerd om objecten uit de natuurlijke wereld exact weer te geven. Vormen en kleuren verwijzen niet naar iets anders door het detailgetrouw af te beelden maar drukken iets uit door hun intensiteit en contrast.

Surrealisme - naar begin van de pagina
Het surrealisme is een kunststroming in de moderne kunst ontstaan als literaire stroming rond 1924. Hoewel er een hoogtepunt van het Surrealisme is waar te nemen tussen 1925 en 1940, in zowel schilderkunst, beeldhouwkunst en in de literatuur, is het surrealisme vandaag de dag nog steeds aanwezig en actief.

Het is de Franse schrijver en essayist André Breton, die in 1924 zijn opvattingen omtrent het surrealisme in de kunst, vooral de schilderkunst en de literatuur, te boek stelt in het Manifest van het Surrealisme (Frans: Manifeste du Surrealisme). Over de relatie tussen het surrealisme en de schilderkunst publiceerde hij in 1928 Le surréalisme et la peinture, dat in 1965 met vele nieuwe toevoegingen nogmaals werd uitgegeven.

Teleurgesteld in het rationalisme, dat door de gruwelen van de Eerste Wereldoorlog te optimistisch was gebleken, en geïnspireerd door de ideeën van Sigmund Freud, stellen surrealisten de door vrije associaties gekenmerkte bewustzijnstoestand van de droom centraal.

20 eeuw

Pop-art - naar begin van de pagina
Pop-art is een kunststroming die tegelijkertijd, maar los van elkaar, is ontstaan in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika in het midden van de jaren 60 en haar hoogtijdagen beleefde in de jaren zestig van de 20e eeuw. Pop-art is een stroming in de moderne kunst. De naam is een afkorting van de Britse criticus Lawrence Alloway, die hem in 1945 gebruikte als afkorting van het begrip ‘popular culture’ dit is alles wat tot geïndustrialiseerde massacultuur behoort. Het kunstwerk van de Engelsman Richard Hamilton "Just What Is It That Makes Today's Homes So Different, So Appealing?", een collage uit 1956, wordt algemeen beschouwd als het begin van de pop-art. In die collage zijn alle elementen aanwezig waarvan de pop-art gebruik zal maken.

Graffitti - naar begin van de pagina
Graffiti is het op straat of op een andere min of meer openbare plaats met verf of verfstift (ook wel paintmarker genoemd) aanbrengen van mededelingen of afbeeldingen. Vaak wordt graffiti in verband gebracht met vandalisme. Graffiti bestaat echter ook als kunstvorm. Het woord "graffiti" betekent "krasjes" en is de meervoudsvorm van graffito, het verkleinwoord van graffio (kras, krab). Het komt van het Latijnse werkwoord graffiare (krassen, krabben) dat weer komt van het Griekse werkwoord graphein (inkrassen, schrijven, graveren).

Bodyart - naar begin van de pagina

Lichaamskunst of bodyart is een vorm van kunst waarbij het menselijk lichaam een centrale rol speelt. De meest algemene vormen van bodyart zijn bodypainting, tatoeages en piercings. Andere vormen bestaan uit het opzettelijk aanbrengen van littekens (Engels:scarification), brandmerken, en uit vervormingen door middel van een korset, een implantatie of het snijden van gaten in het lichaam met een scalpel (Engels:scalpelling).

Binnen de beeldende kunst ontstond de term "body art" in de jaren 70 als omschrijving van een stroming die voortkwam uit de conceptuele kunst en de performance. Het is een kunstvorm waarbij het eigen lichaam van de kunstenaar het primaire medium is waarmee het menselijke bestaan aan een kritisch onderzoek onderworpen wordt of van commentaar voorzien.

Een van de belangrijkste aspecten van deze lichaamskunst is dat het eigen lichaam van de kunstenaar op narcistisch-exhibitionistische, soms zelfs masochistische wijze tot 'beeldend materiaal' wordt uitgeroepen. Vaak hebben deze zogenoemde bodyart-performances iets weg van godsdienstige oefeningen of openbare terechtstellingen, waarin de performer boeteprediker en flagellant, beul en veroordeelde tegelijk is.

Mail art - naar begin van de pagina
Mail art is een kunstvorm waarbij de communicatie het medium is.Mail art-kunstenaars wisselen via de post hun kunstwerken uit en omzeilen daarmee de traditionele kunstinstellingen bij het openbaar maken van hun werk.

Sinds het ontstaan van de fluxus-beweging in de jaren 60 bewandelen vele kunstenaars alternatieve wegen om hun werk te verspreiden. Ze organiseren hun eigen mail art projecten met tentoonstellingen daarvan en geven hun eigen publicaties uit.

Mail art werd oorspronkelijk vaak gemaakt met behulp van stencils, stempels, xerografie en fotokopieerapparaten. Kenmerkend waren de veelal kleine formaten op een papieren ondergrond; wat te maken had met de eisen voor verzending per post.

Experimenteel ingestelde kunstenaars probeerden echter alles te versturen waar zij een etiket en een postzegel op konden plakken; de verregaande standarisering van de afmetingen van poststukken ontstond pas later.

Door de komst van internet is een elektronische variant van mail art doorgebroken bij een groter publiek. Het versturen van e-cards werd een populaire manier van communiceren. De groep mensen die zich hiermee bezig houdt breidt zich nog steeds uit.

21 eeuw

Business-Art - naar begin van de pagina
Business-Art is een stroming binnen de beeldende kunst waarbij de dialoog tussen kunstenaars en het bedrijfsleven wordt aangegaan. De kunstenaars binnen deze stroming presenteren zich als bedrijf en niet als persoon. Hierdoor begeven zij zich op het grensvlak van de werkelijkheid. Het voeren van dit bedrijf is een van de kerntaken van de kunstenaar(s), dus niet het werk of het product dat er uit voortkomt.

In business-art staan de vragen centraal wat de waarde van kunst is. Wat is het effect van financieel succes op de integriteit van de beeldend kunstenaar. Is er een verschil tussen hoge en lage kunsten. In welke mate mag een kunstenaar werk uitbesteden en zichzelf de kunstenaar van het werk blijven noemen. Ligt de grens kunst niet-kunst bij functionaliteit.

Een van de eerste vertegenwoordigers van de kunstenaar/ondernemer moderne stijl is Andy Warhol. Hij produceerde zeefdrukken in grote oplagen, hij maakte veel werk in opdracht en hij begaf zich op het gebied van het design. Hij heeft bovendien al geschreven over business als kunstvorm.

Digitale kunst - naar begin van de pagina
Digitale kunst
is een vorm van hedendaagse kunst vanaf 1970 in de 21ste eeuw die met behulp van een digitale computer is gemaakt, en waarbij de computer een non-triviale rol speelt.

Al sinds de eerste goed bruikbare computers is er een soort van digitale kunst ontstaan. Kunstenaars lieten computers met bepaalde codes tekeningen printen of manipuleerden de uitgaande data. De grote opkomst van digitale kunst is echter begonnen met de komst van het internet in zijn huidige vorm. Dit gaf kunstenaars de kans hun werk over de hele wereld te verspreiden en door werkelijk iedere wereldbewoner te laten manipuleren, het idee van de "Global Village".

Digitale kunst heeft enkele kenmerkende elementen:

  • Reproduceerbaarheid. Een digitaal kunstwerk is door het digitaal opslaan en bewerken in feite oneindig reproduceerbaar.
  • Interactiviteit. Vele vormen van digitale kunst zijn interactief, de gebruiker kan zijn inzichten en eigen gedachtensprongen gebruiken om de kunst aan te passen. Een voorbeeld hiervan is een verhaal in hypertext.
  • Manipuleerbaarheid. De digitale kunst blijft manipuleerbaar en verandert daardoor continu.
  • Virtualiteit. De digitale kunst is alleen beschikbaar in een afgeleide vorm. De werkelijke bron is de code. De kunst kan alleen tastbaar worden gemaakt met apparatuur als computer en beeldscherm.
  • Participatie. Een groot deel van de digitale kunst kan alleen bestaan en ontstaan door de participatie van de beschouwer. De beschouwer bouwt of manipuleert het kunstwerk.
  • Dynamiek. Het digitale kunstwerk blijft nooit hetzelfde, het is veranderlijk. De uiterlijke vorm is van voorbijgaande aard door de continue aanpassingen door gebruikers.

Een van de grote problemen bij digitale kunst is die van het auteurschap, wie heeft het nu eigenlijk gemaakt? De kunstenaar heeft de code bedacht, maar het is vaak zo dat de huidige vorm door gebruikers tot stand is gekomen. De vergelijking met componisten van klassieke, musicale, werken kan hier verregaand worden getrokken, immers componisten schrijven de "code" voor de muziek, maar het orkest voert het uit, toch wordt de componist als de auteur gezien.

Bron: Wikipedia.nl

 eeuw

  • Art deco
  • Art nouveau
  • Arts and Crafts
  • Decadentisme
  • Eclecticisisme
  • Empire
  • Estheticisme
  • Impressionisme
  • Materialisme
  • Medievaliisme
  • Neogotiek
  • Neo-impressionisme
  • Neorenaissance
  • Orientalisme
  • Pointillisme
  • Postimpressionisme
  • Preafaelieten
  • Realisme
  • Romantiek
  • Secessionisme
  • School van barbizon
  • Symbolysme